Hoofdluis

Hoofdluis zijn kleine grauwe beestjes van 2 a 3 millimeter lengte. Ze zitten het liefst dicht op de hoofdhuid, waar ze het bloed zuigen waar ze van leven, het liefst achter de oren en in de nek. Daar zie je dan ook vaak kleine rode bultjes. De eitjes (neten) hebben een witgele kleur, lijken op roos maar zitten vastgekleefd aan het haar. De neten komen binnen tien dagen uit en de jonge luizen zijn na zeven tot tien dagen volwassen en leggen dan ook weer eitjes. Een luis heeft een paar keer per dag bloed nodig om te overleven.
Behandeling:
Het is niet perse nodig om alles te gaan wassen, maar wat je wil wassen moet op 60 graden gewassen worden, want dat overleven ze niet, je kunt ook de dingen in een vuilniszak doen en weg zetten.
Het behandelen van hoofdluis is gemakkelijk en hoeft niet duur te zijn.
– Het belangrijkste is een goede kam, dit is de ASSY kam. Dit is de beste omdat de tandjes dicht bij elkaar staan en er zitten kleine weerhaakjes aan de tandjes.


– eerst het haar goed nat maken met azijn (ik pak altijd natuurazijn) en ongeveer 10 minuten laten zitten,( is niet schadelijk voor het haar) dit is wel nodig omdat de azijn zorgt dat de neet los komt van het haar. Het lost de plak op waar de neet mee vast zit aan de haren
-dan uitspoelen, afdeppen en gaan kammen met de assy kam. In de nek beginnen en steeds een deel erbij pakken, zodat je overzicht houd tot dat je alles hebt gehad. Ik doe eerst altijd een gaasje dubbel in de kam en ga dan kammen, dit is handig omdat je het gaasje uit de kam kunt halen als je klaar bent met kammen en als je dan een foto maakt met je telefoon, dan kun je die vergroten en kijken wat je eruit gekamd hebt.
– Dit doe je een paar dagen achter elkaar, tot er niets meer in je gaasje zit.

Nog een tip voor mensen waarvan de kinderen vaak luizen hebben, een elektrische luizenkam, dit is een kam die piept als je kamt en het piepen stopt als er een luis of neet in de kam zit, de luis wordt ook meteen gedood. Zo kun je je kind gemakkelijk controleren want de neten en luizen zijn vaak zo klein dat ze moeilijk te zien zijn.